Gratis juridische bijstand

Gratis juridische bijstand

  1. Bureau voor Juridische Bijstand
  2. Wat doet het Bureau voor Juridische Bijstand?
  3. Praktisch
  4. Inkomensgrenzen
  5. Alleenstaand
  6. Gehuwd, samenwonend of alleenstaand met persoon ten laste
  7. Gelijkgestelde categorieën
  8. Over te maken documenten
  9. Volledige of gedeeltelijke kosteloosheid

Huis van de Advocaat 
Rijschoolstraat 9
3000 Leuven 
Tel 016 21 45 45 
fax 016 21 45 46
bjb@balieleuven.be
www.balieleuven.be

LET OP : SPECIALE REGELING WEGENS CORONA-VIRUS

Wat doet het Bureau voor Juridische Bijstand?

Het Bureau voor Juridische Bijstand stelt een advocaat aan om bijstand te verlenen aan een persoon die over onvoldoende inkomsten beschikt (zie inkomensgrenzen) of een persoon die behoort tot een hiermee gelijkgestelde categorie (zie gelijkgestelde categorieën).

Afhankelijk van het inkomen van de persoon in kwestie zal de bijstand van de advocaat volledig of gedeeltelijk kosteloos zijn (zie volledige of gedeeltelijke kosteloosheid).

Wie kan rekenen op een derde betaler, bijvoorbeeld een rechtsbijstandsverzekering, komt niet in aanmerking voor een Pro-Deo advocaat.

Praktisch

Aanvragen voor een advocaat pro deo worden, gelet op het corona-virus, bij voorkeur digitaal overgemaakt via het mailadres bjb@balieleuven.be

U dient hiertoe het

in te vullen en over te maken, samen met de juiste recente documenten (zie over te maken documenten).

Wanneer u problemen ondervindt met het digitaal overmaken van een pro deo aanvraag, kan u mits voorafgaande afspraak langskomen op het secretariaat van de Balie in het gerechtsgebouw te Leuven.

U maakt voorafgaand een afspraak op het telefoonnummer 016/21.45.45.  Wanneer u geen voorafgaande afspraak gemaakt heeft, heeft het geen zin dat u zich aanbiedt.

Een pro deo aanstelling kan enkel worden toegekend als u zich aanbiedt met de juiste recente documenten (zie over te maken documenten).

Inkomensgrenzen

Jaarlijks worden de inkomensgrenzen om in aanmerking te komen voor volledige of gedeeltelijke kosteloosheid door het Ministerie van Justitie bepaald.

Cijfers geldig vanaf 1 september 2020 :

Alleenstaand

a) Volledige kosteloosheid: max. € 1.226,00 netto/maand

b) Gedeeltelijke kosteloosheid: tussen € 1.226,00 en € 1.517,00 netto/maand

Gehuwd, samenwonend of alleenstaand met persoon ten laste

a) Volledige kosteloosheid: max. € 1.517,00 netto/maand (= gezinsinkomen)
+ € 259,18 pp ten laste

1 persoon = € 1.776,18
2 personen = € 2.035,36
3 personen = € 2.294,54

b) Gedeeltelijke kosteloosheid: tussen € 1.517,00 en € 1.807,00 netto/maand (= gezinsinkomen)
+ € 259,18 pp ten laste

1 persoon = € 2.066,18
2 personen = € 2.325,36
3 personen = € 2.584,54

Over te maken documenten

Bij het aanvraagformulier worden volgende documenten gevoegd:

  • een attest van samenstelling van gezin van maximaal twee maanden oud;
  • documenten die uw inkomsten en uw bestaansmiddelen bewijzen van ten minste de laatste twee maanden en in voorkomend geval van de personen die u ten laste heeft of die met u samenwonen, naargelang uw situatie of uw verklaringen, zoals:
    • Bewijzen van wedden/lonen van ten minste de laatste twee maanden (ook diensten-, maaltijd-, opleidings- en ecocheques, andere voordelen, …), bovendien :
      • Indien uw loonfiche vakantie (onbezoldigd) vermeldt, een extra loonfiche van een volledige gewerkte maand bijbrengen;
      • Indien uw loon of uitkering onder het bestaansminimum ligt, eventuele opleg van een andere instantie bijbrengen;
      • Indien tijdskrediet op uw loonfiche staat: aard tijdskrediet en regime en eventuele bijpassingen bijbrengen, bijvoorbeeld bij ouderschapsverlof de uitkering van de RVA en/of de premie van de Vlaamse Overheid;
      • Indien weerverlet, economisch werkloos… een attest van de RVA of van de vakbond bijbrengen;
      • Indien loon via individuele beroepsopleiding (IBO) contract: loonfiche van de VDAB en opleg van de RVA bijbrengen;
      • Indien een deel van het loon ten laste van de RVA activa: attest van de RVA of van de vakbond bijbrengen;
    • Het bewijs van het ziekenfonds of van een hulpkas voor werkloosheidsuitkering met vermelding van het dagbedrag, indien ziekte (na gewaarborgde periode) op de loonfiche : het attest ziekenfonds;
    • Attest schuldbemiddelaar met exacte bedrag van het leefgeld (op maandbasis) evenals het exacte bedrag van de vaste maandelijkse kosten (huur, nutsvoorzieningen,…) en met duidelijke vermelding van het bedrag van de kinderbijslag die door de schuldbemiddelaar bovenop het leefgeld rechtstreeks wordt betaald;
    • Voor de ondernemer : onder andere de jaarlijkse fiche 281.50 én de laatste BTW–aangifte, in voorkomend geval een attest van de boekhouder;
    • Bankuittreksels omtrent inkomsten uit pensioen, onderhoudsgeldontvangen huurgelden,…
    • Periodieke overzichten van interimbureaus.  Bij interimarbeid : attest van het interimkantoor met vermelding van de gewerkte maand, aantal gewerkte dagen, bruto- en nettoloon;
    • Indien verklaring op eer dat er geen inkomsten ontvangen worden : attesten van het OCMW, de RVA en het ziekenfonds die verklaren dat zij geen uitkering uitbetalen;
    • Schoolattesten van uw kinderen waaruit blijkt dat de kinderen schoolgaand zijn en/of onder leercontract vallen : loonfiches of attesten bijbrengen waaruit blijkt dat er enkel onbezoldigde stages zijn.  Schoolattesten van Syntra voor meerderjarige kinderen : melden of het dag- of avondonderwijs is, bij avondonderwijs eventuele loon/uitkering bijbrengen;
    • Eventuele andere nuttige stukken…
  • Eventuele procedurestukken (dagvaarding, gerechtsbrieven, vonnissen, …);

Het BJB kan u altijd om het meedelen van bijkomende stukken verzoeken.

Gelijkgestelde categorieën

Art. 1 §2 Koninklijk Besluit van 18 december 2003 tot vaststelling van de voorwaarden en de volledige of gedeeltelijke kosteloosheid van de juridische tweedelijnsbijstand en de rechtsbijstand, zoals gewijzigd bij KB van 3 augustus 2016, bepaalt de gelijkgestelde categorieën als volgt :

§ 2. Behoudens tegenbewijs wordt beschouwd als een persoon wiens bestaansmiddelen onvoldoende zijn: 

1°      degene die bedragen geniet uitgekeerd als leefloon of als maatschappelijke bijstand, minstens op overlegging van de geldige beslissing van het betrokken openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn + stukken hierboven; 
2°      degene die bedragen geniet uitgekeerd als gewaarborgd inkomen voor bejaarden, minstens op overlegging van het jaarlijks attest van de Rijksdienst voor Pensioenen + stukken hierboven; 
3°      degene die een inkomensvervangende tegemoetkoming voor gehandicapten geniet, minstens op overlegging van de beslissing van de minister tot wiens bevoegdheid de sociale zekerheid behoort of van de door hem afgevaardigde ambtenaar (www.handiweb.be) + stukken hierboven;
4°      de persoon die een kind ten laste heeft dat gewaarborgde kinderbijslag geniet, minstens op overlegging van het attest van het Federaal agentschap voor de kinderbijslag (Famifed) + stukken hierboven;
5°      de huurder van een sociale woning die in het Vlaams Gewest en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest een huur betaalt die overeenkomt met de helft van de basishuurprijs of die in het Waals Gewest een minimumhuur betaalt, minstens op overlegging van de laatste huurberekeningsfiche + stukken hierboven; 
6°      de gedetineerde, op overlegging van bewijsstukken met betrekking tot het statuut van gedetineerde : bewijs gevangenschap;
7°      de beklaagde bedoeld in de artikelen 216 quinquies tot 216 septies van het Wetboek van Strafvordering; 
8°      de persoon van de geesteszieke voor wat betreft de toepassing van de wet van 26 juni 1990 betreffende de bescherming van de persoon van de geesteszieke, op overlegging van bewijsstukken : dagbepaling + zo mogelijk ingevuld en ondertekend aanvraagformulier;
9°      de vreemdeling, voor wat betreft de indiening van het verzoek tot machtiging van verblijf, of van een administratief of rechterlijk beroep tegen een beslissing die genomen werd met toepassing van de wetten betreffende de toegang, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen, op overlegging van bewijsstukken + stukken hierboven; 
10°     de asielaanvrager of de persoon die een aanvraag indient van het statuut van ontheemde, op overlegging van bewijsstukken + stukken hierboven; 
11°     de persoon belast met overmatige schulden op overlegging van een verklaring van hem waaruit blijkt dat de toekenning van de rechtsbijstand of van de juridische tweedelijnsbijstand aangevraagd wordt met het oog op de inleiding van een procedure van collectieve schuldenregeling : aanvraagformulier, attest samenstelling gezin en detaillijst schulden;

Let wel : De vermoedens van ontoereikend inkomen die hierboven werden vermeld zijn weerlegbaar.  Dit betekent dat ook voor deze personen moet de exacte omvang van hun patrimonium moet worden beoordeeld door het Bureau voor Juridische Bijstand om zich ervan te vergewissen dat deze personen, van wie vermoed wordt dat zij behoeftig zijn, weldegelijk niet over voldoende bestaansmiddelen beschikken waardoor zij een beroep zouden kunnen doen op de diensten van een advocaat buiten de juridische bijstand. 

Enkel voor minderjarigen geldt een onweerlegbaar vermoeden van ontoereikend inkomen :

§ 4. De minderjarige geniet van de volledige kosteloosheid op voorlegging van zijn identiteitskaart of van enig ander document waaruit zijn staat blijkt.

Volledige en gedeeltelijke kosteloosheid

De persoon die de gedeeltelijke kosteloze juridische tweedelijnsbijstand geniet, betaalt per dossier een bedrag aan zijn advocaat tussen de € 25 en de € 125.  Advocaten mogen pas optreden nadat ze deze bedragen ontvangen hebben. 

De advocaat ontvangt punten voor wat hij doet.  De Federale Overheid koppelt een bedrag aan die punten en betaalt de advocaat uit.