Advocaten Luisteren: Marijke Goegebuer

 

Besluiten

 

Drie jaar stage aan de Balie Leuven kan men amper zonder conclusiekalender beschrijven, doch bij deze toch een poging om het te beperken tot één nota.

In den beginne was er niets, of toch, er was de ambitie om de ouders eindelijk te kunnen overtuigen dat hun jarenlange sponsoring meer heeft opgeleverd dan een wekelijkse wasstrijd om biervlekken uit kledij te halen. Er was de ambitie om eindelijk alle ingestudeerde rechtsregeltjes in levende lijve te mogen ontmoeten, om mensen van juridisch advies te leren dienen, om juridische vraagstukken te leren ontleden en om de togamouw van goden zoals Mr. Jaspaert te mogen aanraken.

En eindelijk was het dan zover. De ambitie werd ingeruild voor de geweldige realiteit: met honderden collega’s mochten we in Brussel onze eed zweren. Ouders trappelden elkaars tenen plat, grootmoeders werden in hun rolstoeltjes gehesen om uiteindelijk te mogen vaststellen dat het justitiepaleis gezellig veel trappen heeft en wij, wij begonnen stilaan te vrezen om naar waarheid ‘ik zweet’ te zeggen i.p.v. de aangeleerde mantra. Maar goed, na dit prachtige moment amper te hebben overleefd, kon het echte werk beginnen. Stagemeesters aller windhoeken werden opgezadeld met ons, onwetend grut, en trachtten ons stapsgewijs in te leiden in de wondere wereld van het recht.

In het begin werden we specialist in de uitstelletjes en de conclusiekalendertjes.

Menige uren hebben we onze toga versleten op alle bankjes in het gerechtsgebouw, met klamme handjes want zo’n uitstel of conclusiekalender vergde toch bijzondere dossierkennis -dachten we-. Menige uren hebben we gebeden tot hogere machten opdat de deurwachter uiteindelijk zou zwichten voor die tranende oogjes van dat ‘sympathiek joenk’, om ons toch nog voor confraters met een respectabelere leeftijd te laten binnenglippen. Maar na verloop van tijd leerden we meer en meer. Op kantoor leerden we al gauw juridisch denkwerk te verrichten, kritische dossieranalyses te maken en gedistingeerde zinnen met meerdanzevenlettergreepwoorden op papier te zetten. En op de rechtbank waagden we ons stilaan aan meer gedurfde ‘Matlock’-imitaties. De dossiers werden gevarieerder, pleidooien werden langer en cliënten begonnen steeds minder te huilen wanneer ze je voor het eerst zagen toekomen met hun dossier in de hand.

We voelden ons al snel thuis aan de balie. Overzichtelijk, sympathiek, ondersteunend, gezellig, vriendelijk,... het zijn enkele adjectieven die we toen al in de mond durfden nemen bij een conversatie met een snoeverige confrater van een andere balie (die weliswaar het tienvoud verdiende maar toch maar lekker enkel het behangpapier van zijn bureeltje te zien kreeg en nooit een rechtbank). De BUBA-lessen op vrijdagnamiddag waren boeiend, de info-avonden interessant, de confraters vielen reuze mee en de rechters aten helemaal nooit stagiairs als ontbijt! De sfeer op talrijke (jonge) balie-activiteiten loog er dan ook niet om: deze balie zouden we nooit willen inruilen voor een andere.

En nu, na drie jaar, zijn we die mening nog steeds toegedaan. Na drie jaar bloed, zweet en tranen van onze stagemeesters mogen we eindelijk toetreden tot de wereld der niet-stagiairs. Na negentig zenuwinzinkingen van onze stagemeesters en drieënzeventig prodeo-dossiers kunnen we ons cliënteel meer en meer geruststellen met de zinsnede ‘ach, maar deze procedure heb ik al meermaals gedaan hoor’, krijgt de magistratuur steeds minder en minder de slappe lach wanneer we hem/haar respectievelijk aanspreken met mevrouw/meneer de voorzitter/procureur en leerden we zelfs de juiste volgorde van aanspreektitels in de raadkamer.

Na drie jaar, mogen we nu al eens sneller aan beurt, waarbij we jongere confraters met tranende oogjes tevergeefs naar de deurwachters zien lonken, en zowaar verleden week heb ik tijdens een pleidooi -weliswaar per ongeluk- de toga aangeraakt van onze vice-stafhouder.

Om deze redenen, alle andere uiteraard voorbehouden, behage het de balie én zowaar het hele gerechtelijke arrondissement aldus om onze dankbaarheid te aanvaarden voor de voorbije drie jaren: de rechtbanken, de griffies, de (pro-)stafhouder, het (jonge) baliebestuur, onze patrons, de confraters, het secretariaat, het BJB... zowaar iedereen die geregeld op het Smoldersplein, 5 vertoeft. Onze stageperiode is omgevlogen en zij was hoe dan ook onvergetelijk, ‘dat zweten wij’.

Marijke Goegebuer
Bijna-tableau-advocaat